Min-uren moeten onbetaald worden ingehaald

Werknemer is sinds 2006 in dienst bij werkgever als assistent-leidinggevende. Op de arbeidsovereenkomst in de Cao kinderopvang van toepassing. In de cao is onder andere opgenomen dat werknemers moeten instemmen met tijdelijke wijziging van locatie/standplaats, als dat redelijk is.

In 2020 heeft een gesprek plaatsgevonden naar aanleiding van klachten. De klachten zijn afkomstig uit het team van werkneemster. Het gaat om de cultuur en het functioneren van werkneemster. In een volggesprek wordt werkneemster aangesproken op het gedrag dat moet worden verbeterd. Er moet nog een ontwikkelplan worden opgesteld. Aan het einde van het gesprek komt werkgever erachter dat werknemer het gesprek heeft opgenomen. De opname is ter plekke, in het bijzijn van werkgever, verwijderd.

Het vertrouwen van werkgever in werkneemster is ernstig geschaad door de geheime geluidsopname. De werkgever besluit een officiële waarschuwing te geven. Tot nader order mag werkneemster alleen de taken van pedagogisch medewerker uitoefenen. Werkgever heeft werknemer op enig moment naar een andere locatie verplaatst.

Werkneemster heeft zich verweerd door te stellen dat haar telefoon per ongeluk het gesprek heeft opgenomen. Haar vertrouwen in werkgever zou ook zijn geschaad. Werkneemster trekt in twijfel of de klachten wel echt bestaan. De werkneemster komt op tegen de overplaatsing en de demotie.

Vordering in kort geding

Werkneemster is het niet eens met de maatregelen van werkgever en besluit in een kort geding wedertewerkstelling te vorderen in de eigen functie als assistent-leidinggevende op haar eigen locatie. De kantonrechter moet de belangen van werknemer afwegen tegen de belangen van werkgever. De rechter komt tot het oordeel dat de werkgever een zwaarwegender belang heeft.

Oordeel kantonrechter

Van een goed werkgever mag worden verwacht dat werkneemster, tegen wil in, de mogelijkheid mag worden onthouden om de overeengekomen arbeid te verrichten. Werkgever dient daarvoor een redelijke grond te hebben, die voldoende zwaar weegt in verhouding tot het belang van werkneemster.

De rechter komt tot het oordeel dat de werkgever goede gronden heeft om tot de beslissing te komen dat werkneemster tijdelijk niet meer als assistent-leidinggevende op haar eigen locatie mag werken. Een assistent-leidinggevende dient het vertrouwen van de leidinggevenden te hebben. Ook dient een assistent-leidinggevende te kunnen reflecteren op het eigen gedrag en functioneren en dit ook bespreekbaar maken.

Werkneemster heeft bijgedragen aan de vertrouwensbreuk die is ontstaan. Van werkgever kan redelijkerwijs niet worden verwacht dat werkneemster op de oorspronkelijke locatie als assistent-leidinggevende kan werken. Ook is het aannemelijk dat werkneemster binnen korte termijn weer aan de slag kan in de oorspronkelijke functie en locatie.

Het beroep van werkneemster op de bepaling in de Cao slaagt niet. In de arbeidsovereenkomst is geen vaste standplaats overeengekomen. Het belang van werkgever weegt zwaarder. De vordering van werkneemster wordt afgewezen.

Klik hier voor de volledige uitspraak.

Silver Advocaten

Heeft u een vraag over wijzigingen in de arbeidsovereenkomst of een andere arbeidsrechtelijke vraag? Neem dan vrijblijvend contact met ons op.

Victor Welten

Wij staan voor u klaar

  • Wij laten niet los
  • 10+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant
Stel ons uw vraag Laat ons u bellen