Vaccinatie voorwaarde om aan het werk te mogen

Werknemer is sinds 2014 in dienst bij werkgever als chauffeur. In oktober 2020 heeft werkgever laten weten dat iedereen binnen het bedrijf gehouden is om een mondkapje te dragen. Werknemer heeft dit geweigerd. Werkgever heeft toen besloten om de toegang tot het werk te ontzeggen en de loondoorbetaling op te schorten. Ook is een ontbindingsverzoek ingediend.

In een eerdere kortgedingprocedure werd geoordeeld dat de werkgever het loon mag opschorten zolang de werknemer blijft weigeren om een mondkapje te dragen. Werkgever mocht werknemers opdragen om een mondkapje te dragen.

Na het vonnis van het kortgeding heeft werknemer aangegeven dat hij bereid is om een mondkapje te dragen. Werkgever heeft toen laten weten dat hij door de handelswijze van werknemer schade heeft geleden. Naast het loon dat was opgeschort moesten er andere werknemers worden betaald om zijn werkzaamheden over te nemen. Volgens werkgever zorgt de situatie ervoor dat en veel emoties en spanningen zijn. Daarom heeft werkgever een voorstel gedaan voor een beëindigingsovereenkomst. Werknemer gaat niet akkoord met de vergoeding die is aangeboden. Werknemer heeft wederom geweigerd om aan het werk te gaan. Hij wil eerst een gesprek met werkgever ‘om de kou uit de lucht te halen’. Werkgever heeft dit gezien als intrekking van toestemming en daarom het doorbetalen van loon gestaakt.

Verzoek

Werkgever heeft verzocht om de arbeidsovereenkomst te ontbinden op de e-grond dan wel op de g-grond.

Oordeel kantonrechter

Het begin van het conflict zou zijn gelegen in het feit dat werkgever vlak voordat zij met vakantie ging, schriftelijk aan haar werknemers heeft laten weten dat het personeel voortaan verplicht werd om een mondkapje te dragen. Er zou geen uitleg of overleg hebben plaatsgevonden. De keuze is volgens de rechter te begrijpen, maar neemt niet weg dat de berichtgeving beter mondeling had kunnen worden gedaan, inclusief toelichting daarop.

Het valt werknemer te verwijten dat hij geen mondkapje wilde dragen ondanks de duidelijke aanwijzing van werkgever. Werknemer heeft geen telefonisch contact gezocht met werkgever, maar heeft ruzie gemaakt met andere werknemers.

Werkgever heeft echter na terugkeer van vakantie geen overleg gepleegd met werknemer om de beweegredenen van het weigeren te achterhalen. Werkgever heeft de confrontatie opgezocht door te dreigen met een loonopschorting.

Werknemer heeft na de uitspraak van de rechter in kort geding aangegeven een mondkapje te dragen. Daarom was er geen grond (meer) om de arbeidsovereenkomst te ontbinden. Werkgever heeft onvoldoende gedaan om de verhouding te herstellen en te voorkomen dat de situatie verder escaleert. In plaats van met werknemer te praten, is ervoor gekozen om een beëindigingsvoorstel te doen. Toen werknemer dit aanbod niet wilde accepteren is er volgens weer een sommatie geweest en is geen gesprek aangegaan. Vervolgens heeft een loonstaking plaatsgevonden wegens werkweigering.

Volgens de kantonrechter heeft de werkgever zich niet opgesteld zoals van een goed werkgever wordt betaamd. Het ontbindingsverzoek wordt toegewezen nu in redelijkheid van beide partijen niet kan worden verwacht de overeenkomst voort te zetten. De transitievergoeding wordt toegewezen. De werkgever moet een billijke vergoeding betalen ter hoogte van 3.000 euro wegens ernstig verwijtbaar handelen.

Klik hier voor de volledige uitspraak.

Silver Advocaten

Heeft u een vraag over ontbinding van de arbeidsovereenkomst of een andere arbeidsrechtelijke vraag? Neem dan vrijblijvend contact met ons op.

Wij staan voor u klaar

  • Wij laten niet los
  • 10+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant
Stel ons uw vraag Laat ons u bellen